Alon Hilu: De dood van een monnik

 


 

.................................................

//FICTIEMANNEN//
De dood van een monnik

Alon Hilu
Amsterdam: Ambo, 2008

ISBN: 9026320569

Oorspr. titel en uitg.: Mot Hanazir – Tel Aviv: Xargol, 2004

Vertaling (uit Hebreeuws): Shulamith Bamberger

Recensie: Connie van Gils

.................................................


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Weergaloze debuutroman uit Israël

De dood van een monnik hervertelt het ‘Bloedsprookje van Damascus’ dat in 1840 in Damascus plaatsvond, het jaar (een van dé) waarin de Joden de Messias verwachtten. Het is gebaseerd op de historische gebeurtenissen, maar het is niet echt een historische roman te noemen, omdat de auteur het verhaal hier en daar losgetrokken heeft van de werkelijkheid.

De feiten: als de verdwijning van een Christelijke monnik, Tomassi, en zijn bediende bekend wordt in Damascus, worden de Joden er onmiddellijk van beschuldigd deze Tomassi te hebben vermoord om zijn bloed te gebruiken voor het maken van de matzes voor het paasmaal. Het loopt immers tegen Pasen, en het is algemeen bekend wat Joden dan met hun matzes doen. De Joodse Aslan, zoon van een rijk en machtig zakenman, is een van de belangrijkste getuigen in het proces. Hij beweert en ‘bewijst’ dat zijn vader en ooms het inderdaad gedaan hebben.

Vanaf hier begint de fictie, want van de echte Aslan weten we weinig meer dan dat hij weigerde met zijn vrouw alleen te zijn en kinderlijk verlegen was. Het is naar aanleiding van deze vermeldingen in een brief dat de auteur zijn homoseksuele hoofdpersonage heeft geboetseerd.
   
Aslan weet al vroeg dat hij op jongens en mannen valt. Hij beleeft zijn eerste grote, maar platonische liefde op de lagere school. Zijn jonge vriend wordt echter door Aslans wrede vader van het toneel verwijderd zodra deze er een vermoeden van krijgt dat de vriendschap wellicht meer is dan een normale jongensvriendschap.

Aslan mag vaak in het verblijf van zijn moeder komen en zij kleedt hem dan in haar eigen kleren die van de prachtigste en kostbaarste stoffen gemaakt zijn. Voor Aslan zijn dit de mooiste momenten uit zijn jeugd. Als hij wat ouder wordt, stemt het hem treurig dat zijn lichaam mannelijker wordt en bedekt raakt met een dikke zwarte beharing. Zijn moeder laat hem dan tot zijn grote verdriet nog slechts zelden toe in haar boudoir.

Op een dag ontmoet hij in een armoedige buurt van Damascus de kapper Schlomo die hem het een en ander leert over de liefde. Ze beleven samen menig herdersuurtje in de middag waarvoor Schlomo dan zijn kapperszaak dichtgooit. Tot de daad komt het niet, al licht Schlomo Aslan wel in over de mogelijkheid ervan, iets wat Aslan mateloos shockeert en fascineert. Als Schlomo trouwt en een kind krijgt ziet hij verder af van zijn seksuele betrekkingen met Aslan.

Als Aslan vijftien is, wordt hij zeer tegen zijn zin uitgehuwelijkt aan een vrouw. Op het huwelijksfeest treedt een zangeres op, Uma, die een mateloze begeerte in hem oproept en hij ziet in haar zijn verlosser. Zij alleen kan van hem een normale man maken, maar hij komt er maar niet achter waar ze verblijft. Ondertussen walgt hij van zijn vrouw en alleen met de allerbeste wil van de wereld weet hij zich een paar keer tot de daad te zetten die haar het kind moet geven waar de hele familie op zit te wachten. Zonder succes overigens.

Schlomo heeft hem verteld over een gelegenheid in de verboden Arabische wijk waar Aslan mannen zoals hijzelf kan ontmoeten en op een avond gaat hij daarheen en ontmoet er de Christelijke monnik Tomassi die al behoorlijk op leeftijd is. Tomassi wil hem maar al te graag bestijgen en dringt zeer aan. Op het moment dat Aslan zich gewonnen wil geven, ziet hij voor de tweede maal de vrouw van zijn leven. Ze treedt op in deze speciale bar. Hij laat de monnik voor wat hij is en ziet kans de zangeres zijn liefde te betuigen. Ze antwoordt dat ze helaas niet op zijn verzoek kan ingaan.

De pardoes afgewezen Tomassi helpt hem snel uit zijn droom en lacht hem vierkant uit. Uma is geen vrouw, Uma is een travestiet die een gevangenisstraf uitzit van een aantal jaar wegens fraude, maar die een enkele keer nog op mag treden. Zijn echte naam is Mahmoed. Van zijn homoseksualiteit genezen kan de zangeres hem dus niet. Hierna is Aslan nog bezetener van Uma dan hij al was. Hij heeft er alles voor over om haar te krijgen.

Na diverse onmoetingen laat Aslan de hitsige monnik uiteindelijk zijn gang gaan. Helaas sterft de monnik tijdens de liefdesdaad van opwinding. Bang voor ontdekking hakt Aslan de monnik in stukken en gooit de stukken van een berg voor de wilde dieren. Op homoseksualiteit staat immers de doodstraf.

Als de verdwijning van de monnik wordt opgemerkt, valt de verdenking onmiddellijk op de Joden omdat het bijna Pasen is. Aslan wordt er op lepe wijze toe gebracht zijn eigen familie aan te geven voor een mooie beloning: Mahmoed/Uma. Hij hoeft er niet lang over na te denken. Hij is boos op zijn familie, omdat ze hem hebben uitgehuwelijkt aan die vrouw en zijn vader en ooms hebben hem onlangs ook vreselijk mishandeld vanwege zijn neigingen.

Zijn familie wordt ter dood veroordeeld, en Aslan krijgt zijn Uma. Hiermee is het verhaal niet te einde, maar hoe het verder gaat, zal ik hier niet verklappen.

Dit met veel liefde en zorg vertaalde boek is er niet een waaraan je je als homoseksueel kunt optrekken. Politiek correct kun je het niet noemen, van positieve identificatie is geen sprake, en dat is ook wel weer eens verfrissend. De homoseksuele Aslan is een zenuwwrak, hij is narcistisch, voert niets uit voor de kost, heeft geen enkele ambitie en leeft alleen voor zijn eigen verzengende begeerte. Zonder al te veel schuldgevoel richt hij daarmee zijn familie ten gronde.

Niet alleen Aslan, maar ook alle andere personages in deze roman worden voornamelijk gedreven door eigenbelang. Ze zijn als de personages uit Othello van Shakespeare, als die uit Madame Bovary van Flaubert of uit Lolita van Nabokov; hun motieven en emoties zijn weinig verheven, maar wel navoelbaar, en dat maakt het zo pikant en overdonderend om te lezen.

De dood van een monnik is een romandebuut van absolute wereldklasse. Het is geen gemakkelijk boek, onder andere omdat het zowel in de ik- als in de hijvorm wordt verteld en omdat de verleden en tegenwoordige tijd door elkaar heen gebruikt worden. Meer iets voor de ervaren lezer dus.