Tzum: literair tijdschrift



 .................................................

//NON-FICTIE//
Tzum: literair tijdschrift

Hoofdredacteur: Roos Custers
Themanummer: De roze letteren
Groningen: Uitgeverij kleine Uil
Nr. 53/54, 2011

Recensie: Connie van Gils

.................................................


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tzum en de roze letteren

Heel de dag is het dan een feest,
tot we'r uitzien als een beest
Nu we heerlijk in de speeltuin zijn geweest!

Het lijkt wel of Nederland dit jaar één grote heerlijke roze kermis is. Zowel Utrecht, als Groningen, Tilburg, Leeuwarden, Rotterdam, Den Haag en Amsterdam vieren beurtelings een week lang het rijke Roze leven. Wat nou dating sites? We gaan gewoon met ons allen IRL feesten, flirten, varen, meet&greet-en, sporten en ook nog in het reuzenrad. Smartphone mee, want home is where the phone is, en connecten maar. Als je deze zomer geen vakantieliefde weet te vinden, weet ik het ook niet meer.

Maar voor degenen die niet van regen, gezelligheid en grote groepen mensen houden is er altijd nog het roze boek. Het boek dat troost, identificatie, gedegen voorbereiding, (h)erkenning en opwinding biedt.

Tzum maakte een alleszins lezenswaardige special voor de thuisblijvers, maar niet exclusief voor hen, over het thema ‘Roze letteren’, met medewerking van Agnes Andeweg, Minke Douwesz, Gerbrand Bakker, Aristide van Bieneveldt, Arthur Japin, Coen Peppelenbos en vele anderen.

Hierbij een kleine impressie van dit nummer waarbij ik, excuus, de talrijke gedichten en dichters oversla.

Het begint meteen goed met een knap en geestig geschreven verhaal van Von Bienefeldt over seks zonder visitekaartjes uit te wisselen, en de perikelen van zijn tante in het verpleeghuis waar de ‘ik’ wél zijn visitekaartje achterlaat, in de vorm van een boek op het nachtkastje.

Dan volgt een interview van Coen Peppelenbos met Richard de Nooij die we kennen van Zacht als Staal. De Nooij beantwoordt o.a. de vraag hoe je een geloofwaardig homopersonage creëert als je zelf geen homo bent.

Agnes Andeweg behandelt in een buitengewoon interessant en onderbouwd stuk ‘homoseksualiteit als thema in hedendaagse romans’. Allerlei aspecten en ontwikkelingen van de homoliteratuur worden belicht waarna ze tot de conclusie komt dat “homoseksualiteit zich definitief heeft geëmancipeerd tot een literair thema dat de emancipatie voorbij is.” Definitief dus.

Als om deze boude stelling te beproeven, komt Minke Douwes onmiddellijk hierna romantisch voor de dag met een heuse doktersroman van vier pagina’s over een ziekenhuisromance tussen een dokter en haar patiënte.

Wat volgt is een mooi stukje non-fictie van Voskuil over de publieke coming out van Hans Warren, Andy Warhol en Rob Halford.

Topstuk van dit nummer is naar mijn mening Carte Blanche dat bestaat uit enkele pagina’s subliem geschreven dagboeknotities van Japin. Het zijn miniatuurtjes die enigszins willekeurig aan elkaar lijken te zijn geplakt. Heeft de redactie hem carte blanche gegeven om te schrijven wat hij wil? Goed is het wel, maar róze is het namelijk niet. Beetje vals spelen, dus.

De verhalen die hierna komen zijn weer wel keiroze. Maar na het lezen van Carte Blanche lijken de avonturen van de personages van Sijens en Temme wat minder interessant. Qua schrijven kunnen beide auteurs zich nog niet meten met Japin. Dat is geen schande, maar het was misschien handiger geweest om ze er dan niet meteen achteraan te plaatsen.

Aan het eind wordt dit themanummer van Tzum een beetje een jongens-onder-elkaar-feestje, wat ik jammer vind. Er had best nog een lekker lesbisch verhaal tussen gepast van Anja de Crom, Karin Giphart, of een graphic story van Pam Emmerik, om maar een paar namen te droppen. Verder alle lof.

Tzum en de roze letteren: een muzt voor roze leesbeesten.


Collectie